NVVK Richtlijn: verschil tussen versies

3.570 bytes toegevoegd ,  1 aug 2019 12:58
geen bewerkingssamenvatting
Regel 6: Regel 6:


De [[Processtappen|processtappen]] zoals op deze wiki vermeld is een (vereenvoudigde) vertaling van de processtappen van de NVVK.  
De [[Processtappen|processtappen]] zoals op deze wiki vermeld is een (vereenvoudigde) vertaling van de processtappen van de NVVK.  
<br>
<br>
<br>
<br>
<br>
Regel 36: Regel 37:


Een '''[[Stappenplan|voorbeeld]]''' van een Plan van Aanpak is [[Stappenplan|hier]] te vinden.
Een '''[[Stappenplan|voorbeeld]]''' van een Plan van Aanpak is [[Stappenplan|hier]] te vinden.
<br>
<br>
===ARTIKEL 13. 120 DAGEN-RICHTLIJN===
Het NVVK-lid hanteert de richtlijn om binnen een periode van 120 dagen een schuldregeling tot stand te hebben gebracht. In deze periode vindt inventarisatie van de schuld plaats, wordt de afloscapaciteit berekend en schuldeisers om akkoord gevraagd op een voorstel tot regeling van de schuld over een periode van 36 maanden. De 120 dagen maken deel uit van de termijn van 36 maanden.
Bij het opstarten van een schuldregeling, in het kader van schuldhulpverlening
aan ondernemers, geldt een termijn van maximaal 6 maanden, na de start van de verificatie.
<br>
'''Aandachtspunt:'''
De periode van 120 dagen is een ricjtlijn. Gebleken is dat m.n. bij het vaststellen van de hoogte van de schulden bij crediteuren en het komen tot een minnelijke regeling de termijn van 120 dagen te kort is. Mocht een [[Minnelijke Regeling|minnelijke regeling]] niet lukken en bij de rechter een dwangakkoord worden aangevraagd maak dan gebruik van het feit dat het niet gelukt is (door bijvoorbeeld de houding van crediteuren) binnen 120 dagen tot een regeling te komen.
<br>
<br>
===ARTIKEL 14. 36 MAANDEN===
Een schuldregeling, zij het een [[Saneringskrediet|saneringskrediet]] of [[Schuldhulpbemiddeling|schuldbemiddeling]], kent een looptijd van [[Problematische Schulden|maximaal 36 maanden]]. Op deze termijn wordt de totale afloscapaciteit berekend. Na afloop van de 36 maanden worden de schuldeisers, in geval van een schuldbemiddeling, gevraagd ‘finale kwijting’ te verlenen. Hier tegenover staat een maximale inspanningsverplichting van de schuldenaar. De 36 maanden gaan in op het moment van ondertekening (dagtekening) van de [[Schuldregelingsovereenkomst|schuldregelingsovereenkomst]].
Het NVVK-lid ziet toe op naleving van de afspraken zoals neergelegd in de [[Schuldregelingsovereenkomst|schuldregelingsovereenkomst]].
Bij schuldregelingen die zijn opgestart in het kader van [[Schuldhulpbemiddeling|schuldbemiddeling]]
aan ondernemers geldt in principe ook een termijn van 36 maanden, waarvan beargumenteerd tot een maximale termijn van 60 maanden kan worden afgeweken. Dit omdat bij schuldhulpverlening aan ondernemers de kaders van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen leidend zijn.
<br>
<br>
===ARTIKEL 16. TUSSENTIJDSE BEËINDIGING===
Een overeenkomst waarmee een product of dienst door een NVVK-lid wordt geleverd, kan tussentijds worden opgezegd. Opzegging vindt plaats omdat schuldeisers niet akkoord gaan met een minnelijk voorstel, wanneer een schuldenaar zich niet houdt aan de in de overeenkomst gestelde voorwaarden
of wanneer de schuldenaar komt te overlijden. De gespaarde afloscapaciteit binnen een minnelijke regeling wordt in geval van tussentijdse beëindiging pondspondsgewijs over de schuldeisers uitgedeeld. In geval van overlijden van de schuldenaar wordt het saldo aan de wettige erfgenamen ter beschikking gesteld. Als zich geen erfgenamen melden, kan de schuldhulpverlener aan het Rijksvastgoedbedrijf (Postbus.RVB.Nalatenschappen@rijksoverheid.nl) melden dat er mogelijk sprake is van onbeheerde nalatenschap. Het Rijksvastgoedbedrijf onderzoekt ook zelf of er erfgenamen zijn die de nalatenschap op zich willen nemen. Is dat niet het geval dan wikkelt het Rijksvastgoedbedrijf de onbeheerde na- latenschap pen af namens de overheid. Het Rijksvastgoedbedrijf zet de erfenis om in geld. Als de erfenis na 20 jaar nog steeds onbeheerd is, vervalt het geld aan de staat. Geld op een rekening kan na 1 jaar naar de zogenaamde consignatiekas, ook beheerd door het Rijksvastgoedbedrijf.